| Boter | 40 g |
| Rabarber, gekuist en in stukken gesneden | 400 g |
| Suiker | 100 g |
| Citroen, sap | 1/2 |
| Frambozen | 250 g |
| Suiker | 50 g |
| Citroensap | scheutje |
| Citroen, zeste | 1 |
| Water | scheutje |
| Filodeeg | |
| Boter, gesmolten | 1 klontje |
| Poedersuiker | |
| Melange d'hiver kruidenmix: seshuan peper, kaneel, steranijs, nootmuskaat & kruidnagel | snuifje |
| Karnemelk | 150 g |
| Citroensap | 20 ml |
| Suikerwater | 40 ml |
| Melange d'hiver kruidenmix: seshuan peper, kaneel, steranijs, nootmuskaat & kruidnagel | snuifje |
| Verse aardbeien, in fijne blokjes | 300 g |
| Verse basilicum, fijngehakt | 1 handje |
| Peper |
Smelt de boter in een pannetje en voeg de rabarber, de suiker en het citroensap toe. Laat zacht garen tot een compote, stukjes mogen zichtbaar blijven.
Doe de frambozen in een kookpotje, voeg de suiker, het water, de citroenzeste en het citroensap toe. Laat pruttelen voor 10 minuten.
Zeef de mix en bewaar koel.
Snijd het filodeeg in repen van 10 cm en leg ze op een bakplaat. Bestrijk met de gesmolten boter. Bestuif het deeg met poedersuiker en de kruidenmix. Bak in de oven voor 10 minuten op 180 graden.
Verwarm de karnemelk, niet laten koken. Voeg er het citroensap, het suikerwater en een snuifje van de kruidenmix aan toe.
Kruid de aardbeien met de peper en voeg er de basilicum aan toe. Roer goed door.
Schep wat van de rabarbercompote en de frambozencoulis in een kommetje. Schep er de frambozensorbet op en werk af met het filokrokantje, een schepje van de aardbeiensalade, een blaadje basilicum en de karnemelkjus.