September. De vakantie is voorbij, de wekker gaat opnieuw onmenselijk vroeg en boekentassen, brooddozen en drinkbussen worden uit kasten gevist. En ergens tussen tandenpoetsen en de haast aan de voordeur klinkt in duizenden gezinnen opnieuw die ene vraag namelijk wat gaat er vandaag in de brooddoos? Boterham met kaas. Boterham met hesp. Een verdwaalde kerstomaat voor het geweten. Misschien een stukje fruit dat ’s avonds onaangeroerd terugkomt. In films gaat dat gelukkig anders.
Van Claire’s sushi tot de culinaire anarchie van Animal House
Jerry Casino is het pseudoniem van Gerard De Fré, psychiater, cinefiel, italofiel en levensgenieter. Samen met zijn co-auteur Jean Le Beau legt hij momenteel de laatste hand aan zijn eerste boek, De Kronieken van Opdijk, waarvan hij hoopt dat het snel zijn weg naar de lezer vindt.
“Toen Aad Bosmans, collega en vriend, me vroeg of ik zin had om voor Culinaire Ambiance iets te schrijven over 2 van mijn grote passies, film en eten, kon ik daar moeilijk aan weerstaan. Zeker nu het nieuwe schooljaar begonnen is. Want wie goed kijkt merkt dat eten in schoolfilms zelden zomaar eten is. Wat iemand uit zijn lunchbox haalt, waar hij gaat eten en vooral wat hij met dat eten doet vertelt soms meer over een personage dan 10 minuten dialoog”.
3 films, 3 schoolmomenten en 3 totaal verschillende lunches. Back to school, maar dan via het witte doek.
The Breakfast Club, vertel me wat je eet en ik zeg wie je bent
5 scholieren. 1 zaterdag nablijven. 1 bibliotheek. John Hughes heeft in The Breakfast Club (1985) nauwelijks meer nodig om een complete middelbare schoolmaatschappij samen te persen in 1 ruimte. Er zijn de prinses, de sportman, de nerd, de buitenstaander en de rebel. En wanneer de lunch wordt bovengehaald blijken hun brooddozen die etiketten bijna even treffend samen te vatten als hun kleding. Claire, de rijke en populaire prinses van het gezelschap, pakt sushi uit. Vandaag nauwelijks opmerkelijk maar midden jaren '80 was sushi voor een doorsnee Amerikaanse scholier nog allesbehalve de vanzelfsprekende take-away die het inmiddels geworden is. Wanneer Bender verbaasd vraagt wat het is omschrijft Claire het simpelweg als rijst, rauwe vis en zeewier. Haar lunch zegt alles. Verfijnd, modieus en net iets exclusiever dan die van de rest. Andrew, de atleet, haalt vervolgens een hoeveelheid proviand boven waarmee je minstens een halve wielerploeg zou voeden. Sandwiches, chips, fruit, koekjes en melk. Brian heeft een bijna aandoenlijk keurige lunch met soep, een sandwich en appelsap. En dan is er Allison. Zij gooit het vlees van haar boterham weg en vervangt het door suiker uit Pixy Stix en Cap’n Crunch-ontbijtgranen waarna ze het geheel genadeloos platdrukt en opeet. Actrice Ally Sheedy zou later vertellen dat ze voor Cap’n Crunch koos omdat het krakende geluid zo goed bij de woede van haar personage paste. Bender heeft dan weer helemaal geen lunch. Fantastisch eigenlijk. Nog voor de 5 echt met elkaar beginnen te praten weten we via hun eten al wie ze zijn en uit welke wereld ze komen. De lunchtafel als sociale röntgenfoto. Wie op de eerste schooldag nieuwsgierig in de brooddoos van zijn buur keek deed dus misschien aan amateurpsychologie zonder het zelf te beseffen.
Ferris Bueller’s Day Off, wie spijbelt, hoeft geen boterhammen
Een schoolcarrière evolueert. Op een bepaald moment volstaat het niet langer om te kijken wat iemand heeft meegekregen van thuis. Je ontdekt iets veel spannenders. Je kunt tijdens de schooluren ook gewoon op restaurant gaan. Ferris Bueller is daar in Ferris Bueller’s Day Off (1986) ongeveer wereldkampioen in. Hij spijbelt, neemt zijn vriend Cameron en vriendin Sloane mee op sleeptouw door Chicago en ruilt het klaslokaal in voor kunst, baseball, een parade en, uiteraard, lunch. Niet zomaar lunch. Het trio belandt in Chez Quis, een fictief en bijzonder chic restaurant waar 3 scholieren in vrijetijdskleding niet meteen het cliënteel lijken waarop de hooghartige maître zit op te wachten. Ferris lost dat op zoals Ferris alles oplost namelijk met meer zelfvertrouwen dan gezond verstand. Hij doet zich voor als Abe Froman, the Sausage King of Chicago, wiens naam hij op de reservatielijst heeft ontdekt. Die worstentitel is trouwens bijzonder goed gekozen voor Chicago. De stad heeft een indrukwekkende worst- en hotdogtraditie. De klassieke Chicago-style hotdog komt op een maanzaadbroodje met onder meer gele mosterd, felgroene relish, ui, tomaat, augurk, sport peppers en selderijzout. Chez Quis vormt het culinaire tegenovergestelde. Geen brooddoos meer maar witte tafellakens, Franse manieren en een maître die Ferris het liefst onmiddellijk weer richting school stuurt. Het eten zelf is hier bijna bijzaak. De luxe van het restaurant is vooral een nieuw podium waarop Ferris kan bewijzen dat de gewone regels voor andere mensen gelden. Er zit misschien zelfs een kleine levensles in. Als je dan toch spijbelt doe het met stijl.
Animal House, en toen vloog de lunch door de lucht
En dan komt de universiteit. De brooddoos is verdwenen. Mama heeft niets meer klaargemaakt. De elegante lunch met witte tafellakens lijkt plots een verre herinnering. Welkom in de studentenrefter. In National Lampoon’s Animal House uit 1978 betreedt John ‘Bluto’ Blutarsky, gespeeld door John Belushi, de cafetaria alsof eten een contactsport is. Hij proeft onderweg, propt eten in zijn mond, stapelt zijn dienblad vol en slurpt zelfs een bord felgroene gelatine uit zijn hand naar binnen. Veel van Belushi’s gedrag in die legendarische cafetariascène werd geïmproviseerd. Daarna gaat het snel bergaf. Of bergop afhankelijk van je visie op gastronomie. Bluto doet zijn beroemde imitatie van een puist door eten uit zijn mond te laten spatten en ontketent vervolgens een food fight die de volledige cafetaria meesleurt. Volgens acteur Tim Matheson werd de grote voedselveldslag in essentie in 1 take opgenomen. Niet onlogisch want een studentenrestaurant dat eenmaal met puree, hamburgers en desserts is bekogeld zet je niet even terug op 0 voor take 2.
En daarmee is onze culinaire schoolcarrière eigenlijk rond. Op de middelbare school vergelijken we nieuwsgierig onze brooddozen. Iets later ontdekken we dat je ook kunt spijbelen en op restaurant gaan. En eenmaal aan de universiteit belandt het eten uiteindelijk tegen de muur. Van sushi naar haute cuisine naar food fight. Misschien is dat wel de meest eerlijke back-to-schoolboodschap die cinema ons kan meegeven Stop dus morgenvroeg met klagen over die boterham met kaas. Het kan altijd erger. Of, afhankelijk van je perspectief, veel leuker.
Back to school. Smakelijk.
Jerry Casino